Februari 2024.
In Poederoijen is een start gemaakt met een opgraving op de nieuwe bouwlocatie genaamd “De Hof van Poederoijen”, gelegen aan de Dorpsweg naast en achter de gebroeders Bok ten westen van de Willem van Oranjestraat. Volgens het verdrag van Malta moet er een archeologisch onderzoek plaats vinden voor de aanvang van bouwwerkzaamheden of andere bodemverstorende activiteiten. In opdracht van projectontwikkelaar Thijs van Giessen en compagnon wordt dit onderzoek uitgevoerd door Archol, een sinds 1997 zelfstandig archeologisch onderzoeksbureau van de universiteit Leiden. Aan de westzijde langs het verbindingspad die loopt van het tuinbouwbedrijf van Kees de Boef en het tuinbouwbedrijf van zijn broer Erik de Boef, zijn op genoemd perceel sporen van bewoning aangetroffen : Paalafdrukken en Pingsdorfer aardewerk uit de 14e eeuw.
Aan de westkant achter de Willem van Oranjestraat, in het denkbeeldige verlengde van de Adriaan van Zeestraat, zijn menselijke geraamten en tufsteen aangetroffen op minder dan 1 meter diepte. Dit perceelsgedeelte wordt sinds mensenheugenis “Het Klooster” genoemd. Echter komt deze naam op de perceelsnamenkaart van de Stichting Bodemkartering Wageningen niet voor. Op de kaart van STIBOKA worden de percelen aangeduid als Kersenland / Mussentiend en De Wei. Kijk voor de volledige perceelnamenkaart van Poederoijen op de perceelnamenkaart. Voor de details op A 1 2 - B 1 2 - C 1 2 - B 3 4 - C 3 4.
De eerste bewoners van de Bommelerwaard vestigden zich voornamelijk op de hoge gedeelten die door oude rivieren ontstonden in de vorm van stroomruggen. Zonder de dijken had het water vrij spel. De loop van de rivieren verlegden zich in de loop van de eeuwen. Het gebied waarin het dorp Poederoijen en het huidge Munnikenland ligt was voor het jaar 1000 verbonden met Brabant. We zien dat o.a. nog aan de wapens van de twee zalmen van Brakel en die van Almkerk. De Maas had een andere loop en volgde eerst de stroombedding van de huidige Alm in het land van Heusden en Altena. Toen de Maas doorbrak en een uitweg zocht richting de Merwede werd dit gebied dus afgescheiden van Brabant. Nog lang had de hertog van Brabant invloed op de bestuursvorm in o.a. het Munnikenland. Voordat Gelre ontstond viel de huidige Bommlerwaard onder de gauw Teisterbant, het gebied tussen de lek, Maas, Waal en Hollandse IJssel met Tiel als voornaamste plaats. De bisschoppen van Utrecht hadden veel invloed in de regio. Na bisschop Ansfriede, die in 1008 overlijdt, gaan de heren van Teisterbant zich steeds meer gebieden van het bisdom zich toe-eigenen. De bisdommen krijgen na het concordaat van Worms in 1122 geen steun meer van de Duitse Keizers waardoor de wereldlijke heersers langzaam aan terrein wonnen. Het graafschap Gelre, ontstond in de 11 e eeuw , vaak wordt het jaar 1046 als startdatum genoemdrondom de plaats gelders. Stamvader gerard Flamens kreeg toen land van de Duitse keizer. In de 12e en 13e eeuw breidde het territorium uit onder de graven Reinald I en Reinald II. In 1339 werd het gebied onder Reinald II verheven tot hertogdom. Sinds Reinoud II de dijkring sloot om de Bommelerwaard is het landschap gebleven zoals we dat nu kennen.
___________________________________________________________________________________________________________________
Op woensdagavond 22 januari 2025 presenteerde Judith van der Leije, hoofd uitvoering, het archeologisch onderzoek in een volle zaal van het dorpshuis Podarwic. Van deze presentatie is een DOCUMENTAIRE gemaakt.
In deze link nog een vervolgartikel in het BD. Ook het artikel van 24 januari 2025 is te lezen.
Op 28 januari 2025 publiceerde het Brabants Dagblad een artikel in de regionale katern.
Eind 2025 is een begin gemaakt met dit nieuwbouwproject (foto 1 foto 2 foto 3 )
________________________________________________________________________________________________________________________________
De Historische kring Bommelerwaard heeft tijdens een symposium in 1989 een boekje gepubliceerd waarin J.M. van Winter (gespecialiseerd in de Gelderse geschiedenis - hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht ) spreekt over een oude schenkingsakte uit 814.
De inhoud van de akte is als volgt:
In 814 (in dit jaar stierf Karel de Grote) schenkt Balderic "Eine Hofreite mit Hube" onder de naam Podarwic aan de abdij van Lorsch bij Worms.(in de Duitse deelstaat Hessen). (origineel - Duitse tekst). Het betreft een schenking van een hoeve met schuren, erf, akkers en weiden aan het klooster. Het complex in Lorsch werd tussen 760-764 gesticht en kreeg snel daarna de relikwieën van Sint Nazarius (een martelaar van het christelijke geloof) in het bezit. . Het klooster stond onder de bescherming van Karel de Grote.
Balderik stamde uit een aanzienlijke familie van grootgrondbezitters, waar ook de toenmalige Bisschop Liudger van Utrecht vanaf stamde. (De voorouders van Balderik stichtten in Wadenoijen een kerkgemeenschap). Balderik droeg vermoedelijk zelfs de titel van graaf van Teisterbant, waartoe destijds de Bommelerwaard en de Tielerwaard behoorden (*1)
Waarom Balderik gebieden aan een klooster schonk had misschien wel te maken met het feit dat er gemakkelijker weerstand geboden kon worden tegen de Noormannen.
Sommige West-Frankische kloosters hadden voor de tiende eeuw al bezittingen in de Betuwe. Het klooster van Lorch (bij Mainz) had bezittingen o.a. in Gendt (bij Nijmegen). Ze verkochten de kerk van Gendt met het bijbehorende omvangrijke complex bezittingen in 1229 aan de Graaf van Gelre (*2)
Van Winter noemt in haar verhaal verschillende dorpen in de Bommlerwaard waar stukken aan Lorsch geschonken worden. In een oorkonde van 815 wordt ook geschreven dat een zekere ridder Alfger in Rosmalen een boerderij met zes varkens schenkt aan een klooster in Lorsch. Een ridder beschermde de boeren die hier woonden tegen overvallers en andere vijanden. In ruil daarvoor moesten zij voor hem werken en zij hoorden bij zijn land. Ook stukken land in Hedel werden aan het klooster van Lorsch geschonken
Zie ook de Lorscher Codex voor verder onderzoek
Met dank aan Hans ten Hagen en Trees Blom voor de info.
(*1) De versterkte stad Zaltbommel - Hein Hundertmak, Karel Emmems, Esther Vink, Marjan Witteveen.
(*2) Verhaal van Gelderland deel 2 - Boom
___________________________________________________________________________________________________________________________________
NADER ONDERZOEK BETREFT DE PERCELEN OP 't KLOOSTER
Een kaart uit 1854 is IN DEZE LINK te bekijken
Op de CD : De Bommelerwaard in kaart, uitgegeven door de Stichting Vrienden van het Streekarchief Bommlerwaard staat een kaart (nummer 17 op de CD): Rivierkaart van de Maas bij Poederoijen 1874. In de legenda staat het rode huisje aangegeven als dijkmagazijn, op de kaart staat erbij geschreven; hervormde kerk.

Op de kaart hieronder staat in de rode cirkel aangegeven waar de opgravingen plaats vinden. Op het perceel genaamd Het Klooster" staat op de kaart van 1874 een Dijkmagazijn getekend (eronder staat Herv. kerk). Die zou dan gestaan moeten hebben op het terrein van Maasdijk 54, tegenover Maasdijk 33.
Via deze kaartviewer kunt u inzoomen op de percelen rond 1800 van dit gebied.
Elk perceel laat dan de eigenaar zien (als u de muis op dat gebied klikt ) en de belasting die ervoor betaald moest worden. Het blijkt dat de kerk eigenaar was van de hele strook grond.
Dit geeft dan onderstaande plaatjes:






